De late hype die voer voor Duivelse discussie is: het verhaal achter het 'stoefsterretje' waar Club Brugge zo naar snakt
In dit artikel:
Club Brugge staat op het punt zijn logo te restylen: bij het behalen van een twintigste kampioenschap komt er volgens de gangbare traditie een tweede ster bij op het shirt. Die gewoonte om sterren te gebruiken als statussymbool heeft zijn wortels in Italië: het Italiaanse Olympisch Comité kent sinds 1933 de Stella d'oro toe en Juventus besloot na zijn tiende titel in 1958 een gouden ster op het shirt te plaatsen. Die praktijk verspreidde zich daarna over Europa, maar de precieze regels verschillen sterk per land.
De meest gehanteerde regel is één ster per tien landskampioenschappen, maar sommige competities rekenen anders. Turkije, Denemarken en Rusland geven een ster per vijf titels; in Duitsland hanteert men een trapjessysteem (1, 2, 3, 4 en 5 sterren voor respectievelijk 3, 5, 10, 20 en 30 titels), wat verklaart waarom Bayern München vijf sterren draagt ondanks ruim meer dan 30 titels. Engeland en Spanje kennen geen officieel sterrensysteem; bij sommige clubs zijn sterren puur decoratief of verwijzen ze naar Europese successen (bijvoorbeeld Nottingham Forest). Ook bestaan er clubs die bewust geen sterren gebruiken, zoals Panathinaikos en FC Porto.
In België en Nederland zijn er weinig bindende regels. Nederland introduceerde een systeem in 2007; in België voerden clubs het sterrengebruik gefaseerd in: Anderlecht zette drie sterren in 2010, Standard in 2013 en Union in 2015, terwijl Club Brugge pas in 2017 een ster toevoegde toen het al veertien titels had. Afhankelijk van welk landelijk meetstelsel wordt toegepast zou Club, bij dezelfde hoeveelheid nationale successen, elders meerdere sterren kunnen tonen — in landen met een vijf-per-ster-regel zou een twintigvoud aan titels bijvoorbeeld vier sterren opleveren.
Ook nationale teams dragen sterren: FIFA staat één vijfpuntige ster per wereldtitel toe, een praktijk die Brazilië na 1970 populair maakte. Controverses bestaan: vóór het WK maakte de FIFA het olympisch voetbaltoernooi (zoals in 1924 en 1928) gelijk aan een wereldtitel, wat Uruguay vier sterren opleverde. België won in 1920 olympisch goud in Antwerpen, maar FIFA erkent die editie niet als wereldtitel vanwege het amateurcriterium; een Belgisch verzoek in 2018 om alsnog een ster te mogen voeren werd afgewezen.