De overige WorldTour-teams: Pogi's erfgenaam, een geknipte navelstreng en Moneyball in de koers

vrijdag, 16 januari 2026 (09:49) - Sporza.be

In dit artikel:

De reeks van Sporza over de WorldTour-ploegen sluit af met een blik op de overige topteams: een mengeling van jeugdheropbouw, bestuurlijke omwentelingen, financiële zorgen en slimme puntenscores bepaalden hun lot in 2025.

Bahrain Victorious blijft inzetten op jonge renners, maar die verjongingsslag kent groeipijnen. Kopstukken Lenny Martinez en Antonio Tiberi leverden wisselvallige prestaties, waardoor de ploeg in het subtopsegment bleef hangen. Nieuwkomers als Jakob Omrzel — de 19-jarige Sloveense Giro Next Gen-winnaar die als opvolger van Tadej Pogacar wordt beschouwd — en vrijgelaten talenten Alec Segaert en Attila Valter moeten voor nieuwe impulsen zorgen. Ook de overstap naar Bianchi-fietsen hoort bij de vernieuwing, maar het doel is vooral om niet verder achter de rijke Midden-Oosterse buren te geraken.

EF Education-EasyPost blijft het buitenbeentje: kwalitatief gezien produceerde de ploeg memorabele uitschieters — onder meer successen in de Giro en enkele sterke dagen in de Tour — maar slechts tien zeges tonen een gebrek aan regelmaat. Met leiders als Richard Carapaz, Ben Healy en Neilson Powless en aankopen als Luke Lamperti en Mattia Agostinacchio heeft EF genoeg wapens om te knallen, maar stabiliteit is noodzakelijk.

Groupama–FDJ worstelde met het wegvallen van de grote kweekvijver die de ploeg jarenlang voedde. Vertrekkers als Stefan Küng illustreren dat het niet meer vanzelfsprekend is om topnamen binnenboord te houden. De Franse formatie zakte weg in 2025 en het binnenlandse transferbeleid laat weinig enthousiasme zien; jonge renners als Maxime Decomble krijgen nu veel verantwoordelijkheid. Met het naderende afscheid van Marc Madiot is doorbraak van renners als David Gaudu of Romain Grégoire cruciaal om nieuw leven te blazen.

Jayco–AlUla beleefde het spannendst verhaal van het seizoen: de ploeg miste de licentie-deadline en stond even op instorten voordat bankgaranties alsnog werden ingediend. Die zware periode weerspiegelde zich in het transferbeleid: dure namen zoals Dylan Groenewegen en Eddie Dunbar vertrokken, en ongeveer een derde van het team bestaat uit nieuwkomers. De ploeg houdt vast aan kopmannen Ben O’Connor en Michael Matthews en rekruteerde veel vrijbuiters (onder meer Dries De Bondt, Amaury Capiot, Dries De Pooter, Andrea Vendrame en Alessandro Covi) met het oog op punten in selectieve koersen.

Movistar beleefde een absoluut dieptepunt: sinds het Venezolaanse kampioenschap op 29 juni werd er geen koers meer gewonnen. De Spaanse traditieploeg zat in een neergang en overleeft grotendeels dankzij een trouwe sponsor, maar men reageert met stevige organisatorische wijzigingen. Eusebio Unzué maakt plaats voor een nieuwe generatie leiding, met zoon Sebastian en onder meer Matt White die het roer moeten verjongen. Sportief oogt de selectie veelbelovender door aankopen als Cian Uijtdebroeks en renners als Juan Pedro López; het is een duidelijk signaal dat de ploeg weer ambitie wil tonen.

Israel-Premier Tech trad in een nieuw jasje verder als NSN Cycling Team en beweert de banden met eigenaar Sylvan Adams te hebben doorgeknipt. Het vertrek van routiniers Chris Froome, Jakob Fuglsang en Michael Woods markeert een duidelijke omslag, en sommige transfers (Matthew Riccitello, Derek Gee-West) worden als misplaatste investeringen gezien. De ploeg mikt op snelheid en haalt Biniam Girmay als nieuw boegbeeld; een cruciale vraag is of de ondersteuning voor snelle manen beter wordt dan voorheen.

Picnic–PostNL was lange tijd in degradatiegevaar, maar werd gered door de doorbraak van Oscar Onley — die echter naar Ineos vertrok, een financieel noodzakelijke maar sportieve klap. De ploeg kreeg slechts een voorlopige UCI-licentie voor één seizoen en kampt met sponsorspanning. Veel hangt af van het herstel van Fabio Jakobsen en de ontwikkeling van jong talent om de toekomst veilig te stellen.

Uno‑X krijgt de beloning voor een bedachtzaam groeipad: promotie naar de WorldTour is logisch gezien hun Noors‑Deense ontwikkelingsmodel. Met een Tour-etappewinst van Jonas Abrahamsen en Tobias Halland Johannessen als zesde in het algemeen klassement, wil Uno‑X in 2026 nog meer ritoverwinningen in de grote rondes en dichter bij Tour-podiumplaatsen komen.

XDS Astana begon het jaar met overlevingsonzekerheid na het Cavendish-project, maar een slimme, data-gedreven aanpak leidde tot een sterke puntenscore en uiteindelijk een vierde plaats op de UCI-ranking — een soort Moneyball-succes. De ploeg opereert vooral via puntenpakkers als Christian Scaroni en Mike Teunissen; grote nieuwe kopmannen werden niet aangetrokken en veel renners zitten in hun laatste contractjaar, waardoor de vraag blijft of die formule houdbaar is.

Kortom: 2025 was voor veel WorldTour-teams een jaar van transities: verjonging en herschikkingen, financiële onzekerheden en het streven naar meer consistentie bepalen de sportieve toekomst. Sommige ploegen kozen voor risicomijdende stabiliteit, anderen voor data-gedreven overleving of het tentoonspreiden van jong talent — de balans tussen korte-termijnpunten en lange-termijnopbouw zal volgend seizoen beslissend zijn.