Ireen Wüst hekelt opvallend besluit tijdens World Cup Heerenveen: 'Mijn schaatshart vindt daar wat van'
In dit artikel:
Schaatsicoon Ireen Wüst reageert kritisch op de keuze van Merel Conijn en Team AH‑Zaanlander om de World Cups in Noord‑Amerika te laten schieten en pas vlak voor de wedstrijd in Salt Lake City aan te komen. Conijn, Nederlands kampioene op de 5000 m, keerde met een wildcard terug in de World Cup in Thialf (Heerenveen) nadat ze de eerste Noord‑Amerikaanse wedstrijden oversloeg. Team AH‑Zaanlander en coach Arjan Samplonius gaven als motivatie dat het seizoen vooral draait om het Olympisch kwalificatietoernooi (OKT) en de Spelen, maar Wüst vindt dat niet helemaal terecht: volgens haar zijn de World Cups waardevolle wedstrijdervaring en het hele jaar alleen trainen voor twee wedstrijden is niet ideaal. Ze voegde eraan toe dat ze het een slechte keuze vindt om pas twee dagen vóór de start naar de VS te vliegen.
Ook oud‑schaatser Mark Tuitert onderschrijft Wüsts kanttekening: als je zo laat aankomt kun je net zo goed thuisblijven, en Conijn wordt deels beschermd omdat ze mentaal moeite heeft met die omstandigheden. Conijn zelf reed in Thialf de 5000 m in 6.53,30, een teleurstellende tijd vergeleken met haar 6.41,48 op het NK.
Ex‑topper Marianne Timmer noemde het vooraf al een "zelfmoordpoging" om pas twee dagen voor aanvang naar hoogte en tijdsverschil te reizen; ze wees op voorbeelden als Marijke Groenewegen en Elisa Dul, die daardoor degradeerden naar de B‑groep. De discussie draait om de afweging tussen focussen op OKT/Spelen en het serieus rijden van World Cups, en over de risicovolle keuze van late aankomst voor hoogte‑ en jetlagaanpassing.