"Na één ritje had ik al pijn": vrouwenpeloton moest vroeger op pad met mannenfiets, maar hebben ze nu wél eigen versie?
In dit artikel:
In een recente aflevering van de Sporza-podcast Vlammen besprak een luisteraar (Eline) de vraag of rensters op mannenfietsen rijden. Presentatrice Marijn de Vries vertelde over haar eigen ervaring: in het begin kreeg haar man in de fietsenwinkel de uitleg, terwijl de fiets voor haar bedoeld was; zij liep op tochten veel pijn op voordat ze ontdekte dat er vrouwenzadels bestonden. Waar eerst vaak werd geadverteerd met ‘speciale vrouwenfietsen’ en kleinere maten als marketingstrategie, is de aanpak nu veranderd: teams en bikefitters stemmen frames en componenten af op het individuele lichaam, niet louter op het geslacht. Daarbij wordt onder meer gekeken naar schouderbreedte, stuurboog, remgreep-afstelling en zadelkeuze.
Maarten Vangramberen haalde als tegenvoorbeeld een beroemde anekdote uit Parijs‑Roubaix 1994 aan: Johan Museeuw reed toen op een model met vering in voorvork en zadel (oorspronkelijk een vrouwenmodel), maar verloor op het overwegend asfaltrijke parcours te veel energie en eindigde als dertiende; gefrustreerd gooide hij de fiets in de gracht. Die episode illustreert dat technische aanpassingen zowel voordeel als nadeel kunnen brengen en dat testen cruciaal is. Conclusie van het gesprek: er bestaan specifieke onderdelen voor vrouwen, maar moderne aanpak draait om maatwerk voor elk lichaam, ongeacht genderlabels.