Niet meer in de rats dankzij de Rates? Was kerstrecord de ultieme Cipressa-repetitie voor Tadej Pogacar in Milaan-Sanremo?
In dit artikel:
Tadej Pogacar, de wereldkampioen, trekt met zijn oog op Milaan‑Sanremo de wintertrainingen flink op: op 19 december liet hij op de Coll de Rates een verbluffende Strava‑tijd noteren van 11’57”, ruim sneller dan zijn 12’21” uit december 2024. Die poging kwam aan het einde van een 226 km‑trainingsdag en werd mogelijk gemaakt door een strakke lead‑out van ploegmakkers van UAE (onder anderen Florian Vermeersch, Tim Wellens, Jan Christen en Isaac del Toro). Amateurbeelden en ooggetuigenverhalen – Vermeersch vertelde dat hij de eerste kilometer trok en dat Pogacar hem nog bedankte, en dat Pogacar zelf tijdens de lead‑out filmde – onderstrepen dat het geen vrijblijvende toer was maar een bewust testmoment.
De Coll de Rates (ongeveer 6,4 km à 5,2%) is in de winter een vaste meetkol op de Costa Blanca, geliefd bij profs en toerfietsers en vaak het toneel van hevige Strava‑duels. De beste tijden wisselden in de afgelopen jaren en fungeerden als benchmark: Jonas Vingegaard stond er eerder bovenaan, Pogacar verbrak vervolgens eerdere toptijden en vuurde die trend door.
Waarom dit relevant voor La Primavera? De Coll de Rates is geen carbonkopie van de Cipressa, maar vergelijkbaar genoeg qua inspanning om als proefveld te fungeren. De Cipressa (5,65 km à ~4,1%) vormt in Milaan‑Sanremo een van de cruciale momenten: wie er daar hard doortrekt kan de wedstrijd openbreken. Pogacar en UAE kozen vorig jaar expliciet voor een aanval op de Cipressa (in plaats van te wachten op de Poggio) en produceerden in koers een extreem snelle tijd, maar zagen rivalen als Mathieu van der Poel en Filippo Ganna op de top nog meekomen. Die ervaring leerde dat het tempo vanaf de voet van de beklimming vernietigend moet zijn en dat positionering, afstand tot de finish en tegenstanders allesbepalend blijven.
Rond Pogacar is de sfeer er niet minder competitief op geworden: rivalen als Remco Evenepoel tonen zich evenmin bescheiden op Strava, en sommige onofficiële trainingsrecords (zoals een onbevestigde 8’51” op een korte klim begin maart) wekten vragen over hulp van externe middelen of pacing. Dat alles gezegd, de hoofdboodschap is duidelijk: Pogacar werkt nadrukkelijk aan een nog zwaardere, snellere versnelling.
Tegelijk zijn er kanttekeningen: twee belangrijke locomotieven uit zijn vorige Sanremo‑aanval, Wellens en Narvaez, ontbreken nu, en raceomstandigheden zijn moeilijker te controleren dan een geplande winteraanval op de Rates. De december‑toer laat echter zien dat Pogacar en zijn entourage bereid zijn grenzen op te zoeken — wat de aanloop naar Milaan‑Sanremo dit jaar spannender maakt dan ooit.