Prijzengeld WK sprint & allround | Femke Kok en Jenning de Boo krijgen veel minder dan andere winnaars
In dit artikel:
In Thialf dit weekend draait het niet alleen om titels maar ook om flinke prijzengeldbedragen. De ISU keert voor de wereldkampioenschappen allround en sprint vaste premies uit; allroundkampioenen ontvangen het meeste: de winnaar krijgt 22.000 dollar (ongeveer €18.800), de nummer twee 16.000 dollar, nummer drie 13.000 dollar, gevolgd door 7.000, 4.000 en 2.000 dollar voor plaatsen vier tot zes. Bij de sprint zijn de prijzen lager: 13.000 dollar (ongeveer €11.000) voor de winnaar, daarna 10.000; 8.000; 5.000; 3.000 en 2.000 dollar voor plaats vier tot zes. De potten voor mannen en vrouwen zijn gelijk, maar het totaalbedrag is al tien jaar niet verhoogd, iets wat eerder tot kritiek onder toppers leidde.
Nederland stuurt twaalf rijders naar huisbaan Thialf. Voor het allroundtoernooi zijn dat bij de mannen Chris Huizinga, Stijn van de Bunt en Marcel Bosker; bij de vrouwen Joy Beune, Marijke Groenewoud en Antoinette Rijpma‑De Jong. De sprinttitels gingen naar Femke Kok en De Boo, die elk ongeveer €11.000 incasseren; andere Nederlandse prijswinnaars dit weekend zijn onder meer Suzanne Schulting (tweede), Marrit Fledderus (derde) en Joep Wennemars (vierde). Voor veel schaatsers vormen deze kampioenschappen zo één van de laatste kansen van het seizoen om hun inkomen aan te vullen.