Schaatsster (28) volgt voorbeeld van Sven Kramer en Erben Wennemars met extreme uitdaging: 'Dit was loodzwaar'
In dit artikel:
Schaatsster Sanne in ’t Hof (28), pupil van Sven Kramer en Jac Orie bij Team Essent, gebruikte haar vakantie om een extreme klimuitdaging aan te gaan na een teleurstellend schaatsseizoen. Tijdens het Olympisch kwalificatietoernooi (OKT) miste ze — in tegenstelling tot 2022 — de selectie voor de Spelen; op de 5000 meter kon ze winnares Merel Conijn niet volgen en na de finish viel ze tegen de boarding. Dat gemis bleef haar dwarszitten, hoewel ze later wel brons pakte op de EK afstanden en Europees kampioen werd met de ploegenachtervolging.
Halverwege april gaf Team Essent haar toch vertrouwen voor de langere termijn: In ’t Hof tekende bij de ploeg tot medio 2027. Kort daarna probeerde ze al een Hyrox-wedstrijd, maar donderdag nam ze deel aan de veel zwaardere IATF Vertical Race in Oostenrijk — een uphill-run van Innsbruck naar Seegrube van 7,4 km met een hoogteverschil van circa 1.300 meter over steile paden en rotsen. Ze voltooide de beklimming in 1 uur en 15 minuten en deelde later een foto bovenop de berg met de woorden: "Het is me gelukt. Het was waanzinnig, maar ook loodzwaar." Daarna wisselde ze naar een wielerpak van Team Essent om uit te fietsen.
De deelname past in een trend onder Nederlandse schaatsers (zoals Kramer en Erben Wennemars) om ook buiten het ijs naar grenzen te zoeken — zowel als fysieke cross-training als persoonlijke uitdaging — en illustreert In ’t Hofs veerkracht na een seizoen met zowel teleurstellingen als sportieve hoogtepunten.