Union toont zich opnieuw klasse beter dan Anderlecht, maar bibbert nog even in het slot na penaltydebacle
In dit artikel:
Union Saint-Gilloise heeft voor de tweede keer op rij van Anderlecht gewonnen in de Brusselse derby, ditmaal met 0-1 in het Lotto Park. De enige treffer kwam van Fuseini, die bood wat rechtzetting na een eerder gemiste penalty door Ivanovic. Ondanks een slotoffensief van Anderlecht bleef Union standvastig en verdedigde het strak, wat hun zevende overwinning in acht play-offwedstrijden markeert.
De wedstrijd kende controverse rond twee penaltymomenten. Eerst miste Dolberg een strafschop, maar bij de herneming scoorde hij, waarna de VAR ingreep vanwege een te vroege aanloop van Stroeykens. Later kreeg ook Anderlecht een penalty na een tackle op Angulo, maar Smet en de VAR herkenden dit als te licht voor een strafschop. Uiteindelijk kon Anderlecht niet profiteren van deze kans, wat hun aanvallende limieten onderstreepte; ze kwamen niet verder dan 0.2 expected goals tegenover 1.8 voor Union.
Trainer Besnik Hasi voerde enkele wissels door, waaronder het inzetten van Luis Vazquez voor Thorgan Hazard, maar dit bracht Anderlecht niet dichter bij een gelijkmaker. Union richtte zich vooral op effectief omschakelen en het benutten van fouten bij Anderlecht, wat hen de zege bezorgde en hun positie aan kop verstevigde. Met nog drie overgebleven wedstrijden in de play-offs staat Union op het punt om kampioen te worden, mits ze deze door winst veiligstellen.
Anderlecht blijft teleurgesteld achter, met het besef dat zij vooral zichzelf tekort doen en niet de kwaliteit of scherpte konden tonen om het meer complete Union te verslaan. Het team dat na de verloren bekerfinale probeert te herstellen staat voorlopig op een vierde plek en kan alleen via eigen progressie hopen om nog Europees voetbal af te dwingen. Voor Union betekent deze winst een belangrijke stap richting hun eerste landstitel in decennia, met het voordeel dat zij alles nog in eigen hand hebben.
Vandaag Inside: 'The Champ' richt zich in video tot René van der Gijp, Wim Kieft, Michel van Egmond en Rob Jansen