Vele miljoenen op het spel en bizarre constructie als struikelblok: alles over proces rond 'sjoemelverkoop' van Anderlecht

donderdag, 12 februari 2026 (06:34) - Sporza.be

In dit artikel:

Op 20 december 2017 nam Marc Coucke 74% van RSC Anderlecht over voor 59,2 miljoen euro van toenmalig voorzitter Roger Vanden Stock. Kort na de overname ontdekte Coucke volgens hem verborgen constructies en betalingen die hem onterecht extra kosten opleverden. Centraal staat een antigedateerd contract rond speler Leander Dendoncker en commissies voor spelersmakelaar Christophe Henrotay, die jarenlang nauw betrokken was bij transfers en bij de zoektocht naar een nieuwe eigenaar van de club.

Henrotay had volgens berichtgeving aanspraak kunnen maken op veel hogere vergoedingen (tot circa 11,5 miljoen als een andere koper was gekozen); na de verkoop aan Coucke liep zijn uiteindelijke commissie veel lager uit. Om toch een forse premie veilig te stellen, zou er een regeling zijn opgezet waardoor een bonus van ruim 2 miljoen naar Henrotay ging — een betaling die pas na de overdracht aan Coucke bekend werd. Daarnaast kwamen er volgens Coucke riante vergoedingen voor bestuursleden aan het licht: ex-CEO Jo Van Biesbroeck ontving een flinke premie en Henrotay zou nog 7 miljoen krijgen, waarvan nu nog 4 miljoen openstaat.

Coucke voelde zich bedrogen, ontsloeg manager Herman Van Holsbeeck na een maand en weigerde verdere betalingen. Hij dagvaardde Henrotay, Van Holsbeeck en Van Biesbroeck om vermeende oplichting en het niet melden van financiële informatie bij de verkoop aan te vechten. Coucke wil onder meer de geldigheid van het antigedateerde Dendoncker-contract laten betwisten en de terugvordering van ongeveer 3 miljoen euro die hij reeds aan Henrotay betaalde.

Het proces vindt plaats op 12 en 13 februari 2026 in de correctionele rechtbank van Brussel. De beklaagden beroepen zich op hun recht: Henrotay stelt dat Coucke geen schade door hem ondervond en eist de resterende circa 4 miljoen; Van Holsbeeck vraagt ongeveer 1,7 miljoen aan achterstallig loon en beloofde bonus en benadrukt zijn jarenlange loyaliteit; Van Biesbroeck zoekt vooral zuivering van zijn naam. Als het drietal schuldig wordt bevonden aan oplichting of het gebruik van valse stukken, hangt hen tot vijf jaar cel boven het hoofd.

De zaak markeert na negen jaar een belangrijke juridische ontknoping rond de overname van één van België’s grootste clubs en werpt tegelijk vragen op over bestuurstransparantie en due diligence bij voetbalovernames.